Grammatica · C1
De passato remoto
door Alessio · docent Italiaans voor anderstaligen, master ITALS

De passato remoto is de tijd van het afgeronde verhaal: mio bisnonno partì nel 1902 e non tornò mai più. Hij leeft in romans, in de geschiedenis en in de spreektaal van het Zuiden: in het Noorden lees je hem, op Sicilië hoor je hem op de markt.
- 4min lezen
- 17min oefeningen
- C1niveau
Wat je leert
- tu, lui / lei, noi, voi, loro
- Wanneer gebruik je de passato remoto
- Wanneer je hem gebruikt (en wanneer niet)
- Woordenschat: l'emigrazione
Italiaans en het Nederlands naast elkaar
Het Nederlands heeft geen tegenhanger van de passato remoto. Hij markeert wat losgekoppeld is van nu: geschiedenis, verhalen, en in het Zuiden ook alledaagse gesprekken. Dante nacque nel 1265, maar stamattina ho bevuto un caffè.
De passato remoto snijdt het feit los van het heden: geschiedenis en verhaal. De passato prossimo houdt het met nu verbonden.



De woorden van deze pagina
Sleep elk Italiaans woord naar zijn definitie, of tik eerst op het woord en dan op het vakje.
De regelmatige vormen
| parl-ARE | cred-ERE | part-IRE | |
|---|---|---|---|
| io | parlai | credetti | partii |
| tu | parlasti | credesti | partisti |
| lui / lei | parlò | credette | partì |
| noi | parlammo | credemmo | partimmo |
| voi | parlaste | credeste | partiste |
| loro | parlarono | credettero | partirono |
Wanneer je hem gebruikt (en wanneer niet)
| Context | Juiste tijd |
|---|---|
| storia di famiglia lontana e chiusa | il nonno emigrò, lavorò, tornò ricco |
| romanzo, biografia, storia | Garibaldi sbarcò a Marsala nel 1860 |
| passato che tocca il presente | passato prossimo: quest’anno sono tornato al paese |
| conversazione al Nord | passato prossimo anche per fatti lontani |
De meest gemaakte fouten
ieri andai al supermercato (a Milano)→ ieri sono andato al supermercato (recente feiten: passato prossimo)mio bisnonno partiva nel 1902 e non tornò più→ mio bisnonno partì nel 1902 (eenmalige gebeurtenis, geen achtergrond)Dante nascette a Firenze→ Dante nacque a Firenze (onregelmatige 1-3-3)
Wist je dat?
Het gebruik van de passato remoto is een landkaart. Volgens de Accademia della Crusca houdt hij in informele taal stand in het Zuiden, terwijl het Noorden en een deel van het Midden hem vervangen door de passato prossimo; in formeel Italiaans staat hij overal stevig, vooral bij afgesloten feiten. Camilleri gebruikt hem in de dialogen van Montalbano juist om het Siciliaans te laten doorklinken. Wie in Milaan andai zegt klinkt literair; wie het in Palermo zegt klinkt gewoon.
Oefeningen
Vijf oefeningen op volgorde van moeilijkheid. De laatste halen er eerdere onderwerpen bij.
01 I regolari
Completa con il passato remoto.
- io (parlare)
- tu (credere)
- lui (finire)
- noi (parlare)
- voi (credere)
- loro (finire)
02 Gli irregolari e la regola 1-3-3
Molti sono irregolari solo alla 1ª e 3ª singolare e alla 3ª plurale. Completa.
- io (avere)
- tu (avere)
- lui (avere)
- io (fare)
- noi (fare)
- loro (fare)
03 Quelli che tornano di più
Completa la terza persona singolare.
- essere →
- dire →
- venire →
- vedere →
- scrivere →
- nascere →
- volere →
- dare →
04 Passato remoto o prossimo?
Il remoto stacca dal presente, il prossimo lo lega. Scrivi R o P e completa.
- Dante (nascere) nel 1265.
- Stamattina (io / bere) solo un caffè.
- L’Italia (unirsi) nel 1861.
- Ieri (noi / vedere) un bel film.
- Mio nonno (emigrare) in Belgio nel 1954.
- Quest’anno (loro / cambiare) casa.
05 La pagina di storia
Completa il testo con il passato remoto e i tempi che lo accompagnano.
Herhaling concordanza dei tempi · B2: gerundio e participio
- Nel 1786 Goethe (partire) per l’Italia.
- Il viaggio (durare) quasi due anni e lo (portare) fino in Sicilia.
- Mentre (attraversare) le Alpi, (annotare) ogni dettaglio.
- Ciò che (vedere) a Roma gli (cambiare) la vita.
- Quando (tornare) a Weimar, (essere) un altro uomo.
- Il resoconto del viaggio (uscire) molti anni dopo.
Deze vijf zijn een voorproefje. Op de site staan er meer dan zevenhonderd, gratis en zonder account. Alle oefeningen →
Neem deze pagina mee
Het overzicht van dit hoofdstuk als afdrukbare PDF (tabellen in het Italiaans): regels, typische fouten en de oefening met oplossingen. Een tip van een docent: grammatica blijft hangen door vaak te herhalen, niet door eén keer te stampen.



Elk onderwerp, een wereld
In de app Ti oefen je grammatica binnen thematische leerpaden met vakspecifieke woordenschat: il bar, i trasporti, il calcio, la moda, la burocrazia en zeventien andere. Kies je wereld en de grammatica komt vanzelf mee, ook in het Nederlands uitgelegd.
Halve leerlijn gratis, zonder account
★★★★★(7)van Alessio, docent sinds 2018
Download Ti voor iPhone ↗︎Zoek op amo Italiaans
Nog één keer
Vertel het verre verleden:
- Mia bisnonna da Genova nel 1911.
- Il viaggio ventidue giorni.
- Quando New York, una lettera alla madre.
- I suoi figli non mai in Italia.
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je De passato remoto in het Italiaans?
Wat zijn de meest gemaakte fouten?
mio bisnonno partiva nel 1902 e non tornò più→ mio bisnonno partì nel 1902 (eenmalige gebeurtenis, geen achtergrond)Dante nascette a Firenze→ Dante nacque a Firenze (onregelmatige 1-3-3)